Broer/zus en eetstoornis

Stagiaires van Buro PUUR, Lilian en Francien, hebben een onderzoek uitgevoerd naar de behoeften van broers en zussen van iemand met een eetstoornis. Ook zij hebben hulp nodig. In de handleiding 'Wat als mijn brus een eetstoornis heeft?' is al veel informatie opgenomen.

Daarnaast vatten Lilian en Francien naar aanleiding van het onderzoek 'ik ben er ook nog' het volgende samen:

 ‘Een eetstoornis heb je niet alleen. Het hele gezin komt onder spanning te staan.’ (Bos, Bosma, Kok, Mil, & Peters, 2015)
In het onderzoek ‘ik ben er ook nog’ is onderzocht wat de ondersteuningsbehoeften zijn van broers en zussen van iemand met een eetstoornis. Een eetstoornis heeft veel impact op het gezin. Zo zijn er veel spanningen en emoties in huis.

Gevoelens en emoties
De eetstoornis heeft impact op alle gezinsleden en maakt bij hen allemaal emoties en gevoelens los. Zo ook bij de brus. De emoties die het meest ervaren worden, zijn machteloosheid, onbegrip, radeloosheid, schuldgevoelens en verdriet.

Ouders niet belasten
Brussen kunnen bij niemand hun volledige verhaal kwijt blijkt uit onderzoek. Aan hun ouders vertellen zij veel, maar durven ook niet alles te vertellen en te delen. Ze willen hun ouders beschermen voor nog meer zorgen, omdat ze zien dat zij al genoeg aan hun hoofd hebben.

Quote brusje: Mijn zusje krijgt bijna alle aandacht. Ook van familie en mensen in onze omgeving. Soms is het wel vervelend, omdat ik zoiets heb van 'ik besta ook nog'.

Brussen willen graag…

  1. …een luisterend oor: iemand die vraagt ‘en hoe is het nu met jou?’
  2. …een plek waar er even geen eetstoornis is en ze zichzelf kunnen zijn
  3. …hun verhaal kwijt kunnen

Eventuele gevolgen
Uit onderzoek blijkt dat brussen op korte termijn gevolgen kunnen ervaren door op te groeien met een broer of zus met een eetstoornis.
Op de korte termijn:
- Psychische klachten
- Emotionele klachten
- Psychosomatische klachten
- Concentratieproblemen

Bij juiste ondersteuning kunnen gevolgen op langere termijn, die spelen in de volwassenheid voorkomen worden. Op de langere termijn kan er zoal spelen:
- Zij hebben moeite met grenzen stellen,
- Zij vinden zichzelf minder belangrijk dan anderen
- Zij hebben moeite om hulp te vragen
- Zij hebben meer moeite om een liefdesrelatie op te bouwen
Door deze gevolgen op langer termijn zullen brussen in de volwassenheid een risicogroep zijn voor overspannenheid, burn-out en depressie.

Behoeften
Uit de QuickScan van het NJI blijkt dat brussen behoefte hebben aan:
- 35% van de jongeren wil ondersteuning in de toekomstzorgen rondom de zorg van de broer/zus
- 42% van de jongeren wil graag praten met een psycholoog of therapeut
- 53% van de jongeren wil meer ondersteuning zonder er zelf naar te hoeven vragen
- 53% van de jongeren wil ondersteuning in het aangeven van de eigen grenzen
- 64% van de jongeren wil graag praten met familie en vrienden over hun situatie
- 72% van de jongeren wil lotgenotencontact

Tips
Wat kunt u als ouder betekenen:
- Uw zoon of dochter aanmoedigen om met iemand te gaan praten. Hetzij met een professional, maatschappelijk werker etc.
- Uw zoon of dochter wijzen op een lotgenoten groep en aanmoedigen hiernaar toe te gaan.
- De school van uw zoon of dochter inlichten. School kan uw zoon of dochter hierin ook ondersteunen.
- Gevoelens erkennen en vooral luisteren naar hun verhaal

Quote Brus: De stap om hulp te vragen is groot, omdat je denkt van 'wie is hier nu eigenlijk degene die hulp nodig heeft? Ik kan nog alles doen en ik zie er prima uit’. Dan is het moeilijk om te denken 'ik heb het toch nodig'. Het zorgt ervoor dat je eerst helemaal vast moet lopen wil je echt erkennen van 'ja, ik heb het eigenlijk wel nodig'.